De Standaard, 13 april 2005, Christian Leysen
Vijf jaar verstreek sinds de Staten-Generaal van de Mobiliteit opteerde voor een brug als oplossing. De realisatie van de Oosterweelverbinding binnen een redelijke termijn is van groot belang voor de bereikbaarheid van de metropool. We moeten dus vooruit. Daarom ben ik blij dat het hele stadsbestuur zich neerlegt bij de bovengrondse passage van de Oosterweelverbinding door het oude havengebied. Die moeilijke beslissing geeft een antwoord op een nijpende mobiliteitsbehoefte, maar vereist ook een grondige bijsturing van de plannen voor de ontwikkeling van het Eilandje.
Zo is het maar de vraag of een hoogstedelijke ontwikkeling van het Droogdokkeneiland en het gebied ter hoogte van de brandweerkazerne nog mogelijk is. Bijgestelde ambities en pragmatisme zullen moeten samengaan met een uitgekiende studie over de ruimtelijke inplanting van de brug én de architectuur van het kunstwerk. De culturele projecten moeten alleszins onverminderd worden doorgevoerd. Het wordt tijd om het Red Star Line Memoriaal en het Museum Aan de Stroom nu eindelijk te realiseren. Vooral voor dat laatste dossier moet de Vlaamse regering, als zij voor de Lange Wapper opteert, eindelijk eens spijkerharde financiële garanties geven.
De situatie die zich nu voordoet, moet ook leiden tot een meer gestroomlijnde bestuurlijke aanpak van de herontwikkeling van het oude havengebied. Antwerpen moet nu pragmatisch handelen. Het lijkt me het beste dat de stad de te ontwikkelen gronden én een substantieel aandeel van de historische pensioenlasten van het havenbedrijf terug in eigen beheer neemt. Daardoor kan het havenbedrijf zich weer concentreren op zijn kernactiviteit: het bestuur van de tweede grootste Europese zeehaven.
De stad van haar kant kan zich dan volledig richten op de herontwikkeling van het Eilandje. Tegelijkertijd kan en moet ze van het Vlaams Gewest in ruil voor de risicovolle bovengrondse tracékeuze waarborgen krijgen over onder meer de bouw van een Scheldebrug ter hoogte van de Kennedytunnel, om het binnenstedelijke verkeer tussen rechter- en linkeroever terug vlot te krijgen.
De artist impressions van de Lange Wapperbrug roepen bij mij en bij het stadsbestuur terecht vragen op. Wellicht had de stad de afgelopen jaren een meer assertieve rol kunnen spelen tijdens de planvorming van de oeververbinding. Maar ook de Beheersmaatschappij Antwerpen Mobiel (BAM) had de ongemakkelijke situatie kunnen vermijden door transparanter te werk te gaan. De Vlaamse regering van haar kant had de controlemechanismen op BAM en op het studiebureau TV Sam, dat alle mobiliteitsplannen in en rond Antwerpen begeleidt, moeten aanscherpen. Want de kritische vragen over die maatschappijen weerklinken niet alleen in dit dossier.
Met die wetenschap koop je vandaag echter niets. Je kunt er alleen nuttige lessen uit trekken voor andere projecten die nu nog in een embryonale fase zitten (zoals de Singel, het Pegasusplan, de heraanleg van de Scheldekaaien).
Het terugschroeven van de ambities voor het Eilandje moet ruimte creëren voor de ontwikkeling van Nieuw Zuid met een echte brug, met name een brug over de Schelde. Lange Wapper hoeft dan toch niet, zoals gevreesd wordt, de evenknie te worden van zijn mythische tegenhanger uit de zestiende eeuw: een vervelende kwelduivel die de Antwerpenaren in het ootje neemt.
Christian Leysen (de auteur is ondernemer en schreef het boek Antwerpen-Onvoltooide stad.)